Op wielen, maar geen fiets: wat heeft een triatleet aan rolskiën?
Rolskiën is in Nederland een echte nichesport. Toch kan het juist voor triatleten een verrassend interessante aanvulling op de training zijn. Je traint conditie, kracht, balans en coördinatie, terwijl de belasting op de gewrichten relatief beperkt blijft. Ingrid van Klooster ontdekte het rolskiën vijf jaar geleden en raakte niet alleen verslingerd aan deze sport, maar later ook aan triathlon. Ze vertelt waarom die twee volgens haar zo goed samengaan.
Door: Ingrid van Klooster
“Rolskiën, dat is toch op wielen, net als skeeleren?” Dat is vaak de reactie wanneer ik vertel dat ik aan rolskiën doe. Maar rolskiën is geen skeeleren en ook geen skiën. Wat is het dan wel?
Eigenlijk is het heel simpel: langlaufen, maar dan niet op mooie witte sneeuw, maar op zwart asfalt. Net als langlaufen is rolskiën in Nederland een nichesport. Dat is misschien niet zo
vreemd in een land waar bergen en sneeuw schaars zijn. Toch vind ik het jammer dat langlaufen, en daarmee ook rolskiën, vaak een imago heeft dat niet direct aansluit bij de triatlonsport. Want juist voor triatleten kan het een fantastische aanvulling zijn.
Wie tijdens de Olympische Winterspelen weleens naar langlaufen of biatlon heeft gekeken, weet hoe intensief deze sporten kunnen zijn. Het hele lichaam wordt ingezet en techniek, kracht, conditie en balans komen voortdurend samen. De hoogste VO2max scores ever komen van langlaufers.
Als fervent skiër en lid van een skiclub kwam ik zo’n vijf jaar geleden zelf in aanraking met de langlauf- en rolskisport. Sindsdien ben ik eraan verslingerd.

Van burn-out naar triathlon
Drieënhalf jaar geleden ging ik op zoek naar een coach om na een serieuze burn-out weer fit te worden. Die zoektocht was niet eenvoudig. Triathlon kende ik eigenlijk niet, maar via een bekende kwam ik in contact met Frank Heldoorn. Frank is coach, triatleet én doet aan rolskiën en langlaufen. Mijn verhaal was duidelijk: ik wilde weer fit worden en Frank kon me daarbij helpen.
Zijn enthousiasme voor rolskiën en langlaufen, gecombineerd met het feit dat hij deze sporten gewoon in mijn trainingsschema kon verwerken, voelde voor mij als een soort utopie.
Maar via Frank maakte ik ook kennis met triathlon. En enthousiast als ik ben, ontdekte ik daarmee opnieuw een geweldige sportwereld. Inmiddels weet ik uit eigen ervaring dat rolskiën en triathlon verrassend goed samen kunnen gaan.
Wat heeft een triatleet aan rolskiën?
Maar waarom vind ik rolskiën nu zo interessant voor triatleten? Veel van de voordelen die ik zelf ervaar, gelden overigens net zo goed voor langlaufen. Om te beginnen is rolskiën een echte total-body workout. Wanneer je de techniek goed uitvoert, moet je core voortdurend aan het werk.
Door het gebruik van de stokken krijgen ook je armen, schouders en rug een flinke trainingsprikkel. Voor mij voelt dat als een mooie aanvulling op het zwemmen. De beweging is natuurlijk niet hetzelfde, maar bij het afzetten met de stokken gebruik je wel veel van je bovenlichaam en core. En ook je benen krijgen bepaald geen rust.
Daarnaast vraagt rolskiën veel van je stabiliteit en balans. Je staat op smalle ski’s met wielen en moet continu kleine correcties maken. Vooral rond de enkels merk je dat goed. Voor
stijve triatleten – en laten we eerlijk zijn, daar zijn er nogal wat van – kan alleen dat al een interessante uitdaging zijn.
Een ander voordeel vind ik de relatief lage impact. Je kunt je cardiovasculaire systeem stevig aan het werk zetten zonder de schokbelasting die je bijvoorbeeld tijdens het hardlopen hebt. Dat betekent overigens niet dat rolskiën rustig hoeft te zijn. Als instructeur heb ik tijdens clinics genoeg triatleten binnen een uur behoorlijk diep zien gaan.
Skating of klassiek
Rolskiën kan in twee verschillende technieken: skating en klassiek. Bij klassieke rolski’s hebben de achterste wielen een teruglooprem, waardoor je kunt afzetten. Skating-rolski’s zijn wat korter en hebben deze rem niet. Ook de lengte van de stokken verschilt tussen beide technieken.
Zelf ben ik als triatleet een groot voorstander van de skatingtechniek. Daarbij verplaats je je gewicht steeds van het ene naar het andere been en krijg je een duidelijke eenbenige belasting. Dat vind ik een mooie aanvulling op sporten als fietsen en hardlopen.
Binnen het klassieke langlaufen speelt daarnaast het dubbelstokken een grote rol. Daarbij komt een groot deel van de kracht uit je bovenlichaam, schouders, rug en core. Het leuke is dat je deze techniek ook prima op skating-rolski’s kunt uitvoeren.
Juist die afwisseling maakt rolskiën voor mij zo interessant. Je kunt verschillende technieken en oefeningen combineren binnen één duurtraining en daarbij steeds andere spiergroepen extra aanspreken.
Ook intervaltraining leent zich er uitstekend voor. Je kunt bijvoorbeeld rustig skaten afwisselen met korte, intensieve stukken dubbelstokken. Of er een fartlektraining van maken waarbij je voortdurend wisselt tussen technieken, tempo en intensiteit. Ik raak nooit uitgerold.
Eerst techniek, dan snelheid
Er zit wel een belangrijke kanttekening aan al dat enthousiasme: rolskiën vraagt om techniek. Daarom zou ik iedereen die ermee wil beginnen aanraden om eerst een aantal basislessen te nemen. Dat is niet alleen belangrijk om de verschillende technieken goed aan te leren, maar zeker ook voor je veiligheid. Je rijdt tenslotte op wielen over asfalt en remmen en uitwijken werken anders dan op een fiets.
Een goede techniek zorgt er bovendien voor dat je efficiënter beweegt en meer uit je training kunt halen. Gelukkig hoef je niet meteen zelf een complete uitrusting aan te schaffen om het eens te
proberen. In Nederland zijn verschillende verenigingen en aanbieders waar je een kennismakingsles of cursus kunt volgen. Rolski’s, schoenen en stokken zijn daarbij vaak te huur.
Een extra sport naast zwemmen, fietsen en lopen
Rolskiën zal voor de meeste triatleten natuurlijk nooit zwemmen, fietsen of hardlopen vervangen. Dat hoeft ook helemaal niet. Voor mij zit de kracht juist in de aanvulling. Ik kan mijn conditie trainen en tegelijkertijd werken aan kracht, core, balans, coördinatie en techniek. Bovendien zorgt het voor afwisseling in een trainingsweek die anders al snel volledig uit zwemmen, fietsen en lopen bestaat.
En misschien is dat wel het leukste wat rolskiën mij heeft gebracht. Via het skiën ontdekte ik het rolskiën, via het rolskiën kwam ik uiteindelijk bij een triathloncoach terecht en zo ontdekte ik weer een compleet nieuwe sport. Inmiddels wil ik ze geen van beide meer missen. En voor een goede wintersport hoef ik gelukkig ook niet meer te wachten op de eerste sneeuw. Rolskiën kan het hele jaar door.