De vierde Pirene Xtreme-zege van Karin Sloove: van diepe dalen naar hoge pieken vice versa

VRIJDAG – What a ride weer… van diepe dalen naar hoge pieken en weer terug, zowel letterlijk als figuurlijk. Vanuit de trainingsweek bij Arthur direct doorgereden naar de start bij Terradets. Want who needs a taper? Om te moeten taperen moet je immers eerst ook fatsoenlijk hebben getraind. Aangezien het tot twee weken terug veel gesneeuwd had in de Pyreneeën was ik bang dat het water erg koud zou zijn door het smeltwater uit de bergen.

Ondanks dat ik op vrijdag de Koninginnerit bij Arthur (Mekenkamp, red.) had overgeslagen kwamen we pas laat in de middag aan vanuit Frankrijk, te laat om het water nog te testen én mijn wetsuit weer te drogen voor de volgende ochtend vroeg. Ik heb gegokt op zwemmen in alleen mijn fietsbroek en een thermoshirtje die ik in de wissel uit zou trekken en mijn droge fietsshirt aantrekken. Dus geen handschoenen en geen neopreen sokken… Een uitstekende keuze!

Niet met sokken en handschoenen gezwommen

Het zwemwater was lekker met zo’n 15 graden, en hoewel het zwemmen laaaaang duurde (maar goed, ik had niet anders verwacht met 4x zwemmen dit jaar) ging t eigenlijk best lekker. Als 32e (van de 36 starters) uit het water, en tóch nog als eerste vrouw! De wonderen zijn de wereld nog niet uit…De andere vrouwelijke deelneemster kwam niet lang na mij uit t water, zij had wel met sokken en handschoenen gezwommen en was daardoor een stuk langzamer dan normaal. Een derde vrouwelijke deelneemster die zich als 37 e deelnemer had ingeschreven is helaas niet aan de start verschenen. Zo had ik onverwacht in de eerste wissel al een paar minuutjes te pakken en kon ik als eerste dame aan het fietsen beginnen.

Eenmaal op de fiets werd al snel duidelijk: dit is niet mijn dag. Geen power, lege benen…al kreunend en steunend op mijn kleine plaat de eerste hobbeltjes over op weg naar de eerste klim. Ik vroeg me af wanneer Marie langszij zou komen, maar dat gebeurde tot mijn verbazing niet. Wel werd ik nog door 2 of 3 mannen ingehaald dus intussen fietste ik zowat achteraan. Ik voelde me zó slecht (was al misselijk na het reepje dat ik at vóór het zwemmen) dat ik erover dacht om op Coll de Comiols, de top van de eerste klim op 43km, uit te stappen en terug bij t hotel aan t zwembad te gaan liggen. Gelukkig duurt de klim zelf 23km, dus kon ik er n poosje over nadenken.

Een reepje

Ik bedacht dat ik gewend ben stevig te ontbijten en nu al dik twee uur aan het sporten was op een reepje, dus mezelf gedwongen te eten, drinken en supplementen te nemen ondanks dat het me tegenstond. Extra motivatie was uiteindelijk dat ik in zone 1 de eerste klim heb gedaan en de tweede dame me nog niet had bijgehaald. To be honest, al had ik gewild, harder gíng het ook gewoon niet. Met als hoofddoel finishen en stiekem subdoel als eerste dame over de streep te komen was zone 1 dan misschien zelfs wel genoeg!?

Op Coll de la Faidella, de tweede klim na een mega snelle afdaling van 9km naar Isona, had ik in zone 1/2 een lekker ritme en begon er zelfs plezier in te krijgen. Dit begon te lijken op een lekker dagje uit fietsen! De eerste keer van een diepe dip naar een super mental high, echt dik zitten genieten. Zie je wel, zo’n dag is lang en het kan altijd beter worden (ook weer slechter, maar dat komt nog). Coll de Faidella heeft een korte afdaling gevolgd door wat hobbelterrein en nog een klimmetje, Coll de
Bòixols, maar dat wordt beloond met een heerlijke afdaling waar ik niet op t scherpst van de snede reed maar ook lekker heb zitten genieten. Geen PR gereden dus, maar toch pakte ik daar net als in de eerste afdaling een paar mannen terug alsof ze stilstonden.

Rug, hoofd, armen en voeten

Intussen begon het al aardig op te warmen, dus ik hoopte dat de benen van de tweede klim zich weer zouden melden bij de derde, ondanks de stijgende temperatuur. Onno (partner Onno de Boer, red.) had intussen volgens het aan de warmte aangepaste raceplan 2kg ijsblokjes ingeslagen en voorzag me van geïmproviseerde icepacks (ijsklontjes in een opgevouwen armstuk die ik in mijn nek in mijn fietsshirt kon stoppen) tijdens de klim. Ook stopte hij vaker dan de gebruikelijke om-het-uur stops voor nieuwe bidons om me tijdens het fietsen af te koelen met koud water. Met een bidon naast me rennend in de klim maakte hij rug, hoofd, armen én voeten nat. Die zwellen bij 30+ graden flink op in de fietsschoenen en gaan dan enorm knellen en zeer doen zonder afkoeling.

Bovenaan deze derde klim begint het eigenlijk pas echt. Als je denkt dat je boven bent volgt 23km op en neer met pittige klimmetjes en korte afdalingen naar de hoger gelegen Coll de Jou. Meestal is dit t punt waar ik begin te sterven (of als de zon schijnt al eerder tijdens deze klim), maar deze keer peddel ik lachend verder dankzij de
afkoeling die Onno voor me regelt. Eén voor één pik ik hier en daar ook n andere deelnemer op. Het gat met de tweede dame was inmiddels meer dan een half uur, dus dat ging lekker!

Afkoelmomentjes

Na wederom een prachtige snelle afdaling op naar de laatste klim, Coll de Port. Ruim 800m D+ midden op de dag op de zuidwand, met een gemiddelde stijging van zo’n 7%. In alle drie de eerdere edities was dit de nekslag voor mijn fietstijd, maar al peddelend in lage zones en intussen met ijspacks in mijn nek én mijn bh trap ik er deze keer fluitend doorheen dankzij de afkoelmomentjes waar Onno voor zorgde. Dit is het punt waar mijn horloge achteraf een temperatuur van 40 graden Celsius aangaf, en dat was ondanks de ice packs te merken. Als ik even met mijn handen op mijn stuurlint had geklommen waren de hoorntjes zó warm geworden dat ik ze niet meer kon aanraken en moest wachten tot ik Onno gepasseerd was om er water over heen te gooien voordat ik weer fatsoenlijk kon schakelen.

De laatste afdaling van Coll de Port naar Tuixent gaat nooit mijn vriend worden. Die is mega steil, met slecht asfalt, los grind, putten en slecht aangegeven bochten. Ik doe t dus maar even rustig aan want ik lig toch al te ver achter mijn schema om toch ooit eens sub 15,5u te finishen en met intussen bijna een uur voorsprong op de tweede dame had ik geen reden om te pushen. Maar wat was ik blij om na bijna negen uur fietsen eindelijk weer een voetje op de vloer te zetten in de wissel! Bijna een uur langzamer dan vorig jaar, maar in elk geval ben ik er nog in tegenstelling tot een aantal andere deelnemers die al gesneuveld zijn door de hitte.

Flinke blaren

Na een rustige wissel (wel een beetje doorwerken maar no stress) vertrok ik op het lopen. De eerste 3km zijn asfalt in de brandende zon, maar ik voelde me goed en haalde weer iemand in. Op de steile offroad klim terug naar Coll de Port (700m D+) liep ik nog twee mannen voorbij en stampte ondanks de warmte lekker door. In mijn hoofd zingt t rond ‘ik ga als een speer, ik ga als een raket’ (en de rest van de tekst weet ik nooit haha). Onverwacht vlot kwam ik na net een uurtje vanaf de wissel al boven op het 5km punt, nog vóórdat de tweede dame op de fiets dit punt gepasseerd was!

Vanaf Coll de Port is er een mega technische afdaling van zo’n 4.5km, waar ik vorig jaar fit en fruitig af huppelde en meer dan een kwartier tijd pakte op iedereen om me heen. Ook nu pakte ik wat tijd, maar liep zeker geen PR. Het gebrek aan training in het algemeen en zeker loopkilometers liet zich langzaam voelen, en beneden voelde ik ook dat ik flinke blaren begon te krijgen.

Onno

Ik had gehoopt Onno nog n keer te zien op de punten waar je het asfalt oversteekt, want het loopparcours gaat in een rechte lijn over de helling naar beneden en kruist dus een aantal keer het fietsparcours van de klim. Ik had maar weinig drinken bij me in de afdaling en kon ook wel weer nieuw ijs en een afkoelmomentje gebruiken. Hij stond uiteindelijk pas bij 11km, hetzelfde punt als vorig jaar, met het slechte nieuws dat het ijs op was. Het gewone, niet gekoelde water voelde al als een ijsdouche over me heen, zo warm was ik intussen. Maar ik wist dat er na nog 2km een koude bron is dus dit hield me net ff op de been.

Normaal gesproken zouden we elkaar pas op 14km weer zien, maar ik hoopte dat Onno ook bij de bron op 13km zou zijn en wat extra koud water zou inslaan voor het vervolg. Wel gaf ik aan dat ik in ieder geval bij de volgende stop schoenen wilde wisselen vanwege de blaren. Dit kon makkelijk omdat de rest van het loopparcours wel veel offroad, maar veel minder technisch is.

Foutje

Dan maken we het enige foutje van de dag, maar wel een met grote consequenties. Bij het bronnetje op 13km kreeg ik mijn stokken aangereikt door een andere support crew, die ze van Coll de Port had meegenomen waar Onno ze vergeten was, maar Onno was er zelf niet. Ook toen ik doorliep naar de volgende rendez-vous op 14km was Onno daar niet. Zou hij de stokken halen zijn? Ik wist het niet en liep dus maar gewoon door, maar miste wel mijn voeding. Ook bij het volgende punt waar ik hem
misschien zou verwachten was hij er nog niet, maar gelukkig wist ik ook daar wel een bron om in elk geval even wat af te koelen.

Wel begon ik me wat ongerust te maken of er niks gebeurd was met de auto, maar ik besloot niet te stoppen en te bellen maar nog door te lopen naar het volgende meeting point. Intussen kwam ik op ongeveer 15km ook langs de plek waar ik vorig jaar in de regen over de klei uitgleed, plat ging en mijn ribben brak. Ik herkende het punt precies, maar nu was de klei kurkdroog en rende ik er zonder problemen langs. Mijn benen begonnen langzaam leeg te lopen door het gebrek aan voeding en mijn blaren groeiden zo hard dat er alleen nog een kreupele shuffle uitkwam. Godzijdank was hij daar dan op 18km mét mijn schoenen en voeding. En inderdaad, hij was op zoek geweest naar de stokken maar niet gevonden. Ik heb intussen een heel stuk met de stokken in handen gelopen op kilometers waar ik ze niet nodig had en ben blij dat ik ze even kon afgeven, want dat loopt niet lekker.

Zere voeten

Na even goed bijtanken op 20km stond ik er 5 loodzware klimkilometers alleen voor, daar kan Onno niet bij me komen. Ondanks de zere voeten stapte ik wel nog stevig door, maar minder steile stukjes rennen deed behoorlijk zeer en ik merkte ook dat ik in 8 weken trainen echt niet zo sterk was geworden als vorig jaar.

Vanaf Coll de Jou op 25km liep Onno de laatste 15km mee naar de finish, daar is support vanuit de auto niet mogelijk. De eerste kilometer draafde ik nog op de wat minder steile stukken, maar de achterstand in voeding en het gebrek aan loopkilometers in de training begonnen nu echt hun tol te eisen. Het is al wandelend hoogtemeters en kilometers aftellen naar de top. Waar het wat afvlakt probeer ik ook omhoog nog wat te dribbelen, maar het gaat écht niet meer en ik moet me erbij neerleggen. Waar ik normaal super sterk kan finishen in de laatste 10km begin ik nu juist snel achter te raken op het schema van 16 uur dat ik stiekem nog in gedachten had.

Shuffeltje

In de laatste 5km afdalen naar de finish verbeet ik de pijn van de blaren en wist er nog een shuffeltje uit te persen ondanks de compleet lege benen, maar echt hard ging ook dat niet meer. Een echte reden om tempo te maken was er ook niet; er viel niemand meer in te halen en achter mij was een grooooot gat. Voor donker finishen lukte ook niet meer want op de top begon het te schemeren en snel daarna werd het donker en moesten we de hoofdlampjes tevoorschijn halen. Ook had Onno last
van zijn knieblessure, dus waar het steil afdalen was of er gewoon veel stenen tussen het gras op de skipiste lagen wandelden we, en tussendoor probeerden we wat te hobbelen.

Ein-de-lijk was daar na 16 uur en drie kwartier dan de finish, waar we werden opgewacht door de organisatoren (en vrienden) David en Sandra, én de winnaar bij de mannen. Hij was in 13u09 binnen, wat een tijd zeg. Leuk dat hij er stond om me binnen te halen, en ook handig dat mijn gekookte brein blijkbaar nog altijd wat Catalaans kon produceren en verstaan om ff leuk te kletsen.

 

Heel mijn lijf deed pijn

Een van de fotografen was zo vriendelijk om Onno een lift terug te geven naar Coll de Jou, waar de auto is achtergebleven. Anders had hij nog een toetje van 9km rennen over asfalt gehad om onze spullen en kleren te halen. Ik zat intussen binnen met wat mensen van de crew te kletsen en een bockwurst en bier weg te werken. Bring on the recovery.

Na een heerlijke douche en een onrustige nacht doordat heel mijn lijf pijn deed was het tijd voor de T-shirt ceremonie en de prijsuitreiking. Er bleken maar 23 van de 36 gestarte deelnemers überhaupt te zijn gefinisht, het was een compleet slagveld geworden door de hitte. Dus super blij en super trots op mijn finish gezien de voorbereiding en mijn slechte weerstand tegen warmte, zelf al was ik maar een halfuur eerder binnen dan vorig jaar toen ik finishte met gebroken ribben.

En, aangezien die finish onder de 15,5 uur er nog altijd niet in zat…volgend jaar toch maar weer aan de start?

Wim van den Broek

Wilde in 1983 iets anders dan alleen hard fietsen, stapte snel over op microfoons uittesten, één van de drijvende krachten achter één van de oudste triatlons: Oud-Gastel, figureert in misdaadseries en mag zich ridder zonder paard noemen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.